Voorwoord

    Een stoommachine voor het brein

    Fragment

    Voorwoord

    Een stoommachine voor het brein

    IN ACHT MAANDEN ging het Zweedse AI-bedrijf Lovable van nul naar 90 miljoen euro aan inkomsten. Daarmee werd het de snelst groeiende start-up ter wereld – ooit. Dat komt doordat ze precies hebben begrepen wat de sleutel tot de AI van nu is.

    Lovable biedt een dienst waarmee gebruikers in natuurlijke taal apps en websites bouwen, zonder te hoeven programmeren. Niet alleen een prototype of schets, maar volledig functionerende producten met betaaldiensten, nieuwsbrieven en alles wat je maar kunt bedenken.

    Wat voorheen een omvangrijk en kostbaar project was waarvoor specialistische kennis nodig was, kon nu door iedereen worden gedaan. Dat ontketende een golf van ondernemerschap toen duizenden mensen aan de slag gingen om ideeën werkelijkheid te maken.

    De sleutel is taal. We kunnen onze menselijke taal nu gebruiken om ons vermogens te geven die we voorheen niet hadden. Generatieve AI maakt menselijk potentieel vrij. Mensen zonder muzikaal gehoor kunnen muziek maken. Mensen met dyslexie kunnen prachtig proza schrijven. Kleurenblinden kunnen schilderen als Picasso.

    Deze creativiteit zat voorheen opgesloten in ons hoofd. Er waren duizenden uren doelbewuste oefening nodig om een goede muzikant te worden, en zelfs dan kun je niet alle soorten muziek maken. Een klassieke pianist is niet automatisch ook een goede rapper. Door de kloof tussen intentie en vermogen te overbruggen, opent AI de deur naar een wereld waarin we, ongeacht fysieke of cognitieve uitdagingen, een grotere bijdrage kunnen leveren door onze unieke creativiteit en innovatie in te zetten. En we krijgen niet alleen nieuwe vermogens, we worden ook beter in wat we al kunnen. We tillen onszelf naar een hoger niveau.

    Wanneer dit bij miljarden mensen gebeurt, komt er een enorme golf van creativiteit vrij die de wereld zal hervormen en alle delen van de samenleving zal beïnvloeden. Het resultaat is een grotere verandering dan het internet. We zullen meer vooruitgang en een snellere ontwikkeling zien. De mensheid heeft eerder vier acceleraties doorgemaakt; nu gaan we de vijfde in.

    De stoommachine was een cruciaal onderdeel van de vierde acceleratie, die we de industriële revolutie noemen. Voordat die werd uitgevonden, berustte vrijwel elke fysieke verandering in de wereld op biologische spierkracht – die van onszelf of van dieren. Natuurlijk hadden we hulpmiddelen zoals katrollen en takels, maar uiteindelijk deden de spieren het werk. Het werkelijk revolutionaire aan de stoommachine was dat die ons vermogen om kracht op onze omgeving uit te oefenen drastisch vergrootte. Het ging niet om een kleine verbetering, maar om meerdere verveelvoudigingen. De eerste stoommachine, die water uit een mijn pompte, verving 500 paarden. En die was verschrikkelijk inefficiënt vergeleken met de stoommachines die later werden ontwikkeld.

    Die stoommachine had een duidelijk toepassingsgebied, maar er lag geen theorie aan ten grondslag. Men wist dat hij werkte, maar niet precies waarom. Pas meer dan honderd jaar later begonnen we een theoretisch begrip te ontwikkelen, waardoor we hem konden verbeteren. De locomotief uit de late negentiende eeuw was nog steeds een stoommachine, maar dankzij nieuwe inzichten in de thermodynamica en de ingenieurswetenschappen veel efficiënter.

    De ontwikkeling van kunstmatige intelligentie lijkt hier sterk op. Het is voor het eerst dat we er echt in zijn geslaagd onze cognitieve capaciteit – ons biologische brein – met meerdere veelvouden uit te breiden. Natuurlijk hadden we al computers en rekenmachines en AI die kon schaken, maar die zijn het equivalent van katrollen en takels: hulpmiddelen die ons hielpen, maar geen paradigmaverschuiving, geen faseovergang.

    AI geeft ons iets totaal anders. De taalmodellen van nu breiden onze cognitie uit op een manier die voorheen niet mogelijk was. Ze werken, ze zijn nuttig, maar we begrijpen nog niet precies hoe. Een diepgaand theoretisch begrip ontbreekt nog altijd en de modellen zijn waarschijnlijk behoorlijk inefficiënt. We hebben al gezien dat gigantische modellen kunnen worden vervangen door aanzienlijk kleinere die bijna even goed werken, wat erop wijst dat er veel ruimte voor verbetering is.

    Voor het eerst hebben we een machine uitgevonden die kan redeneren. Bij traditioneel programmeren bedenken wij mensen vooraf alle mogelijke scenario's en schrijven we instructies voor de computer. Taalmodellen – en machinelearning in bredere zin – kunnen omgaan met onvoorspelbare situaties, met dingen die niemand vooraf heeft geprogrammeerd of zelfs maar heeft bedacht.

    Deze verandering zal de grootste tot nu toe in de wereldgeschiedenis zijn. Dat komt doordat AI niet langer voor enkelen, maar voor iedereen is. Machines zijn de taal van mensen gaan begrijpen en daardoor kan iedereen AI gebruiken. Dankzij het internet hoeven we geen distributienetwerk voor dit hulpmiddel op te bouwen – werkelijk iedereen met een internetverbinding kan het gebruiken. Hoewel we aan het begin van zo'n grote acceleratie staan, zijn er verbazingwekkend weinig mensen die de omvang van de verandering doorgronden. Wie niet inziet hoe belangrijk het is dat de communicatiebarrière tussen mens en machine is doorbroken, overschat de tekortkomingen van vandaag en onderschat de vermogens van morgen.

    Dan kan het zo klinken: 'De AI-hype is grotesk. We moeten klare taal gaan spreken. AI is geen magie. Het is geen intelligentie. Het is geen revolutie. Het is een hulpmiddel, meer niet.'

    Natuurlijk zijn er reële problemen die bepalen hoe bruikbaar AI-modellen zijn. Sommige consultants verkopen producten die nog niet kunnen waarmaken wat ze beloven. We kunnen terechtkomen in iets wat op de internetzeepbel lijkt, waarbij hoge verwachtingen van snelle winsten worden opgeklopt die vervolgens niet op tijd uitkomen. Maar het gaat om tijdelijke problemen, die zullen worden opgelost of kleiner zullen worden. Toen de internetzeepbel barstte, gingen verschillende bedrijven failliet, maar het internet zelf barstte natuurlijk niet. De lijst van waardevolste bedrijven ter wereld staat tegenwoordig vol met techbedrijven.

    AI wordt sterk ondergehypt, vind ik.

    Een andere groep pessimisten is veel gevaarlijker. Zij zijn namelijk in staat om de hele ontwikkeling van AI af te remmen. Ze geloven dat AI tot het einde van de mensheid zal leiden. Ze zijn er zeer bedreven in geweest anderen van dit extreme standpunt te overtuigen, waardoor het tot op het allerhoogste niveau van de wereldpolitiek is doorgedrongen.

    Ik heb onderzocht waar hun doemprofetie vandaan komt en hoe die zo succesvol is geworden. Het is een fascinerend en leerzaam verhaal over hoe twee zeer eigenaardige mensen – een Zweed en een Amerikaan – erin slaagden beleid te baseren op een gedachte-experiment waarin een AI de opdracht krijgt paperclips te maken en daarom al het leven uitroeit en het hele universum in paperclipfabrieken verandert.

    Andere pessimisten menen dat AI ons zal vervangen en tot massawerkloosheid zal leiden. Iemand die vaak te horen krijgt dat ze bezig is zichzelf werkloos te maken, is Sasha Stiles. Ze is dichter en kunstenaar en is een pionier geweest in het gebruik van AI om poëzie te creëren.

    'Ik gebruik AI niet om te vervangen wat ik graag doe of om simpelweg te herhalen wat ik al kan. Ik gebruik het om te proberen een soort poëzie te schrijven waarvan ik nog niet weet hoe je die schrijft,' zegt ze.

    Dat is wat we altijd hebben gedaan. We vinden technologie uit om onze biologische tekortkomingen te compenseren, zodat we meer uit het mens-zijn kunnen halen.

    AI is nog maar net begonnen ons potentieel vrij te maken. Lovable is slechts een van de allereerste voorbeelden daarvan. Er zullen er nog veel meer volgen.

    Daar blijft het niet bij. Bij zo'n omwenteling zullen grote delen van de samenleving veranderen. Een nieuw tijdperk heeft nieuwe leiders en pioniers nodig. Als je weet hoe je de toekomst wilt beïnvloeden, is je kans om dat te doen nu groter dan ooit. Dankzij AI beschikken we allemaal over meer en betere vermogens dan welke generatie vóór ons ook. Je kunt helpen de technologie te ontwikkelen, haar gebruiken om verandering teweeg te brengen of een leider worden in de nieuwe samenleving die mede door de technologie wordt gevormd. Met dit boek wil ik twee dingen bereiken. Ik wil je een fundament bieden vanwaaruit je voorbij de kortetermijndiscussies over AI kunt kijken, kunt uitzoomen en zelf kunt interpreteren waar we naartoe gaan – en waar we volgens jou naartoe zouden moeten gaan. Ten tweede wil ik laten zien hoe je jouw rol kunt vinden en een pionier in dit nieuwe tijdperk kunt worden.

    Om dat te doen heb ik gesproken met enkele van de slimste en interessantste mensen die er zijn.

    Zoals Sasha Stiles. Zij heeft een perspectief dat zelden te horen is in het debat over AI. Ik ben niet bepaald geïnteresseerd in kunst (het understatement van de dag!), maar haar werk sprak me aan. Zozeer zelfs dat ik Sasha na mijn interview vroeg of we haar kunst mochten gebruiken voor het omslag van het boek. Ze heeft enen en nullen in haar eigen handschrift geschreven. Dat is niet alleen mooi, maar vormt ook een metafoor voor mijn boodschap in dit boek over het samensmelten van mens en machine. Ze noemt het Cursive Binary, en het siert nu dit boek.

    Ik heb ook met verschillende wereldwijd toonaangevende wetenschappers gesproken. Harvard-hoogleraar Steven Pinker bespreekt het belang van taal voor de ontwikkeling van de mensheid, terwijl Oxford-hoogleraar David Deutsch kunstmatige algemene intelligentie verkent. Raquel Urtasun, hoogleraar aan de University of Toronto, deelt haar inzichten over zelfrijdende auto's.

    Ook twee Nobelprijswinnaars hebben hun perspectieven gedeeld: David Baker over AI en eiwitten, en Geoffrey Hinton over AI en existentiële risico's.

    Tot de zwaargewichten uit het bedrijfsleven behoren Börje Ekholm, CEO van Ericsson, Martin Lundstedt, CEO van Volvo, Richard Maltsbarger, CEO van het Canadese Pet Valu, en Carl-Henric Svanberg, voorzitter van de AI-commissie. Zij vertellen allemaal hoe je de ontwikkeling van AI aanstuurt in organisaties met tienduizenden werknemers.

    Daarnaast is er een lange reeks pioniers en andere interessante denkers. Jonas 'Breedbandjezus' Birgersson vertelt hoe je een pionier in een nieuw tijdperk wordt. Wetenschapper Llion Jones, mede-auteur van het wetenschappelijke artikel dat machines leerde menselijke taal te begrijpen. Het universele genie Nathan Myhrvold, met meer dan 900 patenten. Desney Tan, CEO van Microsoft Research, die beschikt over een onderzoeksbudget dat groter is dan dat van de Zweedse staat. Nami Zarringhalam, medeoprichter van Truecaller, dat bijna een half miljard gebruikers heeft. AI-expert Paulina Modlitba van TV4. De legendarische Wall Street-investeerder Jim O'Shaughnessy. Schrijver en technologiedenker Kevin Kelly, medeoprichter van het tijdschrift Wired. Nicklas Berild Lundblad, laatstelijk werkzaam bij Google DeepMind. En Babak Parviz, die Google Glass creëerde, daarna leidinggaf aan de ontwikkelingsafdeling van Amazon en nu een AI-bedrijf runt. Hij was degene die me de vergelijking tussen de stoommachine en AI hielp begrijpen.

    Ik vertel ook over degenen die ons voorgingen en ons hebben gebracht waar we nu zijn. Hoe George Boole de binaire logica ontwikkelde, zodat Alan Turing universele machines kon ontwerpen, zodat Claude Shannon de digitale wereld kon scheppen en Fei-Fei Li machines het vermogen kon geven om te zien.

    Ze hebben me bergen inzichten gegeven, die ik naar beste vermogen aan jou als lezer probeer over te brengen. Maar ik wil ook een diversiteit aan mensen laten zien door wie ik me laat inspireren en van wie ik hoop dat ze ook jou zullen inspireren. Bij het schrijven heb ik niet één AI tot mijn beschikking gehad, maar meerdere: een klein team. Samen hebben we geprobeerd enkele van de problemen op te lossen waarmee een non-fictieschrijver te maken krijgt.

    Het eerste probleem is research. Het grote geheel is niet zo moeilijk en bovendien leuk. Je leest boeken en artikelen, bekijkt video's, onderstreept dingen en maakt aantekeningen. Daar komen interviews bij, die heel waardevol zijn, dus doe je er nog meer! Maar vervolgens moet alles worden getranscribeerd, en dat is maar een fractie leuker dan wachten in een telefonische wachtrij. En daarna kun je geen reet meer terugvinden in de ongeordende brij van onderzoeksdocumenten.

    AI lost dit allemaal op. Doet de transcripties zonder te klagen en tovert precies tevoorschijn wat je zocht. Bovendien heeft de Deep Research-functie overuren gedraaid. In het voorjaar was het alsof ik een fulltime onderzoeksassistent had, en dat heeft me vele maanden werk bespaard.

    Een ander probleem is feedback. Al vrij snel raak je zo vertrouwd met je tekst en je eigen gedachten dat het steeds moeilijker wordt om die vanuit het perspectief van de lezer te bekijken. Ik heb er ook last van dat ik verliefd word op bepaalde delen van de tekst, op voorbeelden die ik zelf zo goed vind. Misschien zijn ze dat ook, maar niet voor dit boek.

    De uitgeverij heeft me voorzien van een uitgever en redacteur, Olle Grundin, die precies dit soort dingen feilloos aanwijst. Maar hij staat erop een eigen leven te hebben en is niet dag en nacht bij me. EDI-T heeft dat probleem niet. Zo heet de AI-boekredacteur die ik heb gebouwd om mee te kunnen sparren.

    Toen diende zich meteen een nieuw probleem aan: taalmodellen zijn verdomd beleefd. Alles wat ik voorstelde was briljant! Na een tijdje begon zelfs ik te vermoeden dat dit niet klopte. Na wat bijstellen wist ik haar een stuk kritischer te maken. Nu is ze zo godvergeten onbeschoft dat we voortdurend ruzie krijgen. Maar ze is ook heel goed om mee te sparren, omdat ze steeds tegengas geeft en tegelijkertijd enorm veel kennis over het schrijven van boeken bezit. Bovendien is ze mijn persoonlijke redacteur, afgestemd op het boek dat ik schrijf.

    Je zult EDI-T aan het begin van elk hoofdstuk tegenkomen, waar ze een korte en vaak bijdehante inleiding schrijft. (Geïnspireerd door Katrine Kielos' boek De wereld uitvinden.) In een van de hoofdstukken onthul ik hoe ze haar eigen naam bedacht – een naam die alleen in mijn hoofd kon bestaan, maar op de een of andere manier naar het hare is overgewandeld.

    AI heeft dus niet voor me geschreven, maar op verschillende manieren verbeterd wat ik heb geschreven. Met andere woorden: ik heb geprobeerd mijn menselijke intelligentie te vermengen met kunstmatige intelligentie, om mijn creativiteit vrij te maken en mijn vermogens te versterken.

    Dat is precies wat er momenteel overal ter wereld gebeurt. Miljoenen mensen ontdekken dat ze dingen kunnen doen waartoe ze voorheen nooit in staat waren. De meesten zien echter alleen de afzonderlijke delen en missen het geheel. Het is maar weinigen gegeven om vooraf te weten dat de mensheid voor een historische omwenteling staat. Ik wil dat jij een van die mensen bent, omdat ik denk dat je de wereld met die informatie beter zult maken. De vijfde acceleratie is hier – en jij kunt een van haar pioniers zijn.

    /Mathias Sundin